Voordelen concurrentie bij investeringen in gasinfrastructuur onbenut

De Europese gasmarkt is in beweging. Er moet de komende jaren flink worden geïnvesteerd in gasinfrastructuur, zoals pijpleidingen, gasopslag-faciliteiten en LNG-terminals. Om dit in goede banen te leiden, moet dit soort investeringen minder door Europa worden gereguleerd en moet er meer ruimte komen voor concurrentie. Dat stelt Jeroen de Joode, die op donderdag 28 juni op dit onderwerp promoveert aan de TU Delft. Zijn onderzoek is deels uitgevoerd bij het Energieonderzoekcentrum Nederland (ECN).
Door de toenemende importafhankelijkheid van gas, de opmars van duurzame energiebronnen en de verdere integratie van de Europese gasmarkten, zijn er investeringen nodig in de gasinfrastructuur. De Europese regels moeten hierbij leiden tot een goede afweging van belangen, bijvoorbeeld tussen prijs en leveringszekerheid.
Jeroen de Joode richtte zich op de regulering van investeringen in de gasinfrastructuur in de Europese Unie. De Joode: ‘Bij de liberalisering van de Europese gassector is de gasinfrastructuur (zoals pijpleidingen, gasopslag en LNG-terminals) grotendeels gereguleerd gebleven. Dit om een gelijk speelveld op de groothandelsmarkt te creëren en mogelijk machtsmisbruik door de beheerder van de infrastructuur in te perken.’
De Joode onderzocht deze situatie en pleit voor veranderingen: meer ruimte voor concurrentie bij investeringen in de gasinfrastructuur. ‘De huidige regels zorgen er namelijk onvoldoende voor dat de baten van concurrentie naar boven komen en kunnen leiden tot onnodige kosten voor de reguleringsautoriteit. Om investeringen in nieuwe gasinfrastructuur te stimuleren is door Europa wel een model van ‘exemptie-regulering’ ingesteld: bij uitzondering konden gasinfrastructuur-projecten via concurrentie worden gerealiseerd. Maar dit model houdt onvoldoende rekening met de verschillen tussen typen gasinfrastructuur.’
Een tweede belangrijke aanbeveling van De Joode is dat er bij de regelgeving veel meer onderscheid gemaakt moet worden naar het type gasinfrastructuur. Of het een pijpleiding betreft, of een LNG-terminal, maakt een groot verschil.
De huidige regelgeving zou dus kunnen worden verbeterd door standaard een grotere rol voor concurrentie toe te laten voor de verschillende typen gasinfrastructuur. ‘Op het vlak van nationale gastransportpijpleidingen zou meer ruimte kunnen worden gegeven door private partijen te laten investeren in specifieke pijpleidingen en door competitieve aanbestedingen te organiseren. Bij gasopslag en LNG importterminals verdient het volgens De Joode aanbeveling het huidige principe van ‘regulering, tenzij’ te vervangen door ‘concurrentie, tenzij’.