Invoer elektriciteit op recordhoogte

In mei en juni 2012 was de invoer van elektriciteit hoger dan ooit. Tegelijkertijd was de productie van elektriciteit in gasgestookte centrales het afgelopen decennium nog nooit zo laag.
In maart 2012 steeg de invoer van elektriciteit tot een niet eerder bereikt niveau. Dit was onverwacht, omdat vooral eind 2009 en begin 2010 de invoer hard daalde en de uitvoer steeg. In deze periode was Nederland netto-exporteur van elektriciteit. Vanaf begin 2011 nam de invoer weer toe, in mei 2012 was de invoer op het hoogste niveau ooit. Vooral de invoer uit Duitsland en Noorwegen is sterk toegenomen.
De oorzaak voor de stijging van de invoer moet gezocht worden in het verloop van de energieprijzen. De aardgasprijs is in 2011 en 2012 sterk gestegen, de kolenprijs steeg in 2011 nog, maar daalde begin 2012. De prijs van elektriciteit bleef echter stabiel doordat in buurlanden het aanbod van goedkope elektriciteit relatief sterk steeg. In Noorwegen was in de eerste helft van 2012 veel elektriciteit uit waterkracht beschikbaar door veel neerslag. In Duitsland was elektriciteit uit bruin- en steenkool beschikbaar en nam de hoeveelheid zonnestroom toe. Door subsidies is deze zonnestroom relatief goedkoop.
Zo is de situatie ontstaan dat het produceren van elektriciteit met aardgas op veel momenten minder rendabel is, en Nederland goedkopere elektriciteit in Duitsland en Noorwegen koopt.
In Nederland wordt zo’n 60 procent van de elektriciteit opgewekt uit aardgas. In de omliggende landen is aardgas veel minder belangrijk bij de stroomproductie. In Duitsland is bruin- en steenkool een belangrijke bron voor elektriciteit, in Noorwegen is dat waterkracht.
De grotere invoer van elektriciteit ging gepaard met een lagere stroomproductie in gasgestookte elektriciteitscentrales. Van maart tot en met juni zijn de kleinste hoeveelheden aardgas gebruikt voor de productie van elektriciteit sinds 2001.